Het 10de colloquium was ongetwijfeld
een groot succes

PROGRESS Lawyers Network - 22/03/2013

Een divers publiek van maar liefst 271 magistraten, advocaten, professoren, gevangenisdirecteurs, cipiers, vakbondsleden, sociaal assistenten en studenten, … luisterde naar de 14 specialisten uit binnen- en buitenland. Deze brachten een kritische analyse van de gevangenis en haar actoren, vertrekkend van kwalitatieve en statistische gegevens  en dit in relatie tot het gevoerde straf- en veiligheidsbeleid.

Een belangrijke boodschap die aangehaald werd door PROGRESS-advocaten Joke Callewaert en Jo Dereymaeker, werd door andere sprekers steeds opnieuw overgenomen: de criminaliteitscijfers bepalen de detentiecijfers niet of nauwelijks. Het aantal gedetineerden wordt eerder bepaald door het aantal “economisch uitgeslotenen” in de maatschappij en de graad van socio-economische ongelijkheid binnen een staat.  Zowel door het beleid als door de rechtspraak worden de armere bevolkingsgroepen het meest gestraft. Wanneer er echter meer in onderwijs en welzijn wordt geïnvesteerd, wordt er minder streng gestraft.

Professor Kristel Beyens liet op basis van cijfers zien hoe de gevangenispopulatie sedert 1990 blijft stijgen, hoe er zwaarder wordt gestraft en er steeds meer mensen in voorhechtenis zitten, dus voor ze veroordeeld zijn. De werkstraf blijkt geen vervanging voor de gevangenisstraf, maar vooral een extra straf te zijn. Uit de statistieken lijken de strafuitvoeringsrechtbanken voor een deel hun doel te missen: er zitten tegenwoordig even veel gedetineerden hun straf volledig uit dan dat er via de SURB onder voorwaarden vrij komen.

Uit de cijfers die professor Miranda Boone presenteerde kon worden afgeleid dat in Nederland, waar momenteel te veel gevangeniscapaciteit is, het aantal gedetineerden voor een groot deel afhankelijk is van het gevoerde beleid.

Prof Knut-Erich Papendorf beschreef de Noorse situatie, waar er een totaal ander systeem van gevangenis bestaat. Een beleid met een moderne visie op detentie en re-integratie, waar een persoonlijk detentieplan per gedetineerde wordt opgesteld en de recidivegraad opvallend lager ligt dan in België. Al werd er ook op een onderbouwde manier getwijfeld aan het nut van een gevangenisstraf op zich.

Ook uit Belgische hoek bleek er een alternatief uitgewerkt voor de huidige 19de-eeuwse gevangenissen. Gevangenisdirecteur Hans Claus sprak over kleinschalige “detentiehuizen” die in het hart van de samenleving kunnen worden gebouwd, in plaats van aan de rand van de maatschappij, wat ook een gedifferentieerde aanpak mogelijk zou maken.

De kritieken van de “sprekers van op het terrein”, zoals cipier Frank Van den Bossche, psychologe Sandrine Bertumé en sociaal assistente Isabelle Lebacq, advocaat Marc Nève, voorzitster Magali Clavie van de strafuitvoeringsrechtbank en de gevangenisdirectrice Valérie Lebrun uit Ittre  werden met emotie en enthousiasme gebracht en waren van hoge kwaliteit. Zij formuleerden scherpe uitspraken, waarover tijdens de vragenrondes en pauzes uitbundig verder werd gediscussieerd.

Deze verscheidenheid zorgde voor benaderingen vanuit diverse invalshoeken. Toch kwam men vaak bij dezelfde kernboodschap: er worden absoluut onvoldoende middelen vrij gemaakt om de strafuitvoering serieus te laten verlopen, naar een re-integratie toe te werken en de rechten van gedetineerden en personeel te garanderen. Overbevolkte gevangenissen zijn voor niemand goed.

De studiedag werd afgesloten met een krachtig en levendig debat over hete hangijzers zoals de ‘wet Lejeune’ en de (niet-)uitvoering van de korte straffen. De verschillende visies van directeur-generaal Hans Meurisse, professor Sonia Snacken en Mr. Jan Fermon van PROGRESS Lawyers Network zorgden voor een bijzonder boeiende discussie.

Lees hier een interview met professor Sonja Snacken in Knack.

Lees hier een artikel uit De Morgen.